Hervorming van de fanfare na de dood van Crombez

1851

De dood van Crombez betekent voor de stad Iseghem en voor de fanfare een groot verlies. Sommige bronnen spreken zelfs van een 'ramp'. Acht jaar wordt gezwoegd en gewerkt om alle stukken bij elkaar te brengen en de fanfare in stand te houden. Uiteindelijk vindt in 1859 een hervorming plaatst. Op het muziekfestival in Lichtervelde behalen ze, in samenwerking met de fanfare 'De jongens van Boos Iseghem', de eerste medaille. Daarop wordt besloten een luisterrijk avondfeest te geven met een 'muziekconcert dat van inrichting voorbeeldig was en waarvan de uitvoering prachtig lukte'. Het avondfeest gaat door in 'De Blauwe Kroon'; Dat was gelegen op de hoek van de Roeselarestraat en de Markstraat.  Naast de fanfare treden er onder andere ook op : De heer Antheunis, Vlaams dichter en volkszanger, schoonzoon van onze volksschrijver Conscience en de heer Albert Demaeght uit Wakken, gewezen gagist uit het muziek der lanciers.  Albert Demaeght oogst veel bijval met de solostuken die hij speelt op zijn basson.  In hem wordt door de muzikanten direct de man herkend die de fanfare kon leiden. Na veel onderhandelen  lukt het om Demaeght naar Izegem te halen. Hij neemt intrek in herberg 'Het Paviljoen', gelegen op de Koornmarkt.